1950

Bischoff Zaandam, Dubbelinterview met Tiny Fortuijn en Ton van Wijngaarden

Het verhaal van Tiny Fortuijn en Ton van Wijngaarden
Door Ursulien van Berge-Bakkum

Tiny: “Ik ben geboren in Spanbroek. Op zesjarige leeftijd verhuisden we naar Zaandam, waar mijn ouders een kapperszaak hadden aan de Franssestraat en in de Oostzijde. Daar ging ik naar de meisjesschool en vervolgens naar de ULO. Daarna werd ik kapster in de zaak van mijn ouders en bij Keepers.

Mijn vriendin Ton ken ik al van de tijd dat ik haar voor het eerst permanentte. In 1950 trouwde ik met Cas Fortuijn, hij werkte bij Pieter Bon op kantoor en gaf avondlessen handelscorrespondentie. We woonden in bij mijn moeder in de Oostzijde. Later verhuisden we naar de Symon Claeszstraat en daar woon ik nog altijd. Onze vijf kinderen zijn er geboren. In die tijd woonden er wel 100 kinderen in onze straat.

Er was een groot verschil tussen de west- en oostkant van Zaandam, protestanten en katholieken. Vaak werd gesproken van de ‘fluwelen Westzijde’ en de arbeiderswijk aan de Oostzijde. Als kind al, vanaf mijn dertiende, stak ik vaak de Wilhelminabrug over naar de winkels aan de Gedempte Gracht en de Westzijde. Bij alle winkels waren toen nog echte verkopers en verkoopsters in dienst. Ze hadden verstand van hun vak. Nu moet je het zelf maar uitzoeken, dat vind ik wel een achteruitgang. Bij Bischoff was van alles te koop, meubels, kleding en fournituren. We kochten daar ons eerste huiskamerameublement en de stof voor de wiegenbekleding van mijn oudste dochter.

Ton: “Bij de lift stond een liftboy of -girl. Twee keer per jaar organiseerden we modeshows. Er was veel personeel in dienst. In de winkel gastvrouwen en cheffinnen. Op zolder was de technische afdeling voor de naaisters en de stoffeerders. Ik werkte op kantoor van 1950-1955.

Er waren drie broers Bischoff: Jochem, August en Bernard. Ze hadden veel filialen onder andere in Deventer, Hengelo, Alkmaar, Den Helder en Vlissingen. Op de begane grond was een tafel waar een meisje, dat daar speciaal voor was aangetrokken, nylonkousen repareerde. De ladders werden opgehaald voor 15 cent per paar. Nieuwe nylons van A-kwaliteit kostten 7,50 (de B-keus was 4,95). Dus als je een ladder in had, liet je die repareren.

Onze vaste etaleur was Jan Emmer. En in de Sinterklaastijd zat er een eigen medewerker-hulpsinterklaas midden in de zaak om iedereen een handje te geven.”

Tiny: “Wat Bischoff verkocht was gegarandeerd van goede kwaliteit. Er waren in die tijd veel goede kledingzaken in Zaandam zoals Peek & Cloppenburg, de Duif en Witteveen. De etalages werden wekelijks vernieuwd. Bischoff was goed, maar Kreymborg was beter, werd gezegd.

Natuurlijk waren er in die tijd rangen en standen. Op de markt deed ook Lappenklaas goede zaken.

Ton en ik steken de brug niet zo vaak meer over op onze leeftijd vanwege corona. Maar als de winkels weer open zijn maken we graag een rondje in het centrum van Zaandam.”

Tags

Reacties

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar alle verhalen

Het Zaans Museum maakt op deze website gebruik van cookies.

Wij plaatsen functionele cookies voor de werking en verbetering van deze website. Mogen wij extra cookies plaatsen voor sociale media koppelingen, gepersonaliseerde (video) advertenties en het meten van de effectiviteit van onze online campagne’s? Lees hier meer over in onze privacyverklaring of pas uw privacy instellingen aan

Privacy policy | Liever niet
Settings