Wie in Koog aan de Zaan de Stationsstraat uitloopt richting de Zaanse Schans, komt onvermijdelijk langs het nostalgische winkelpandje op de hoek bij de Hoogstraat. Dit is het Bezoekerscentrum Cacao de Zaan of in de volksmond Het Cacaomuseum. Dit museum, dat iedere dinsdag open is, staat bomvol met de levende geschiedenis van Cacaofabriek de Zaan.
De grootste cacaofabriek ter wereld.
Piet is trots op Cacao de Zaan. Hij heeft er tientallen jaren gewerkt. Het is een van de grootste cacaofabrieken ter wereld.
Hij is één van de vier gepensioneerde werknemers, die vrijwillig en met heel veel liefde en plezier het museum beheert. De fabriek bestaat sinds 1911. Zij maakt cacaopoeder, -boter en -massa. Daar valt een hoop over te vertellen en te verzamelen.
‘Wij vieren werkten tientallen jaren bij de cacaofabriek’ gaat Piet verder. ‘Ik werkte 45 jaar binnen de financiële afdeling. Ik zat in de OR en de redactie van het personeelsblad.
Het Cacaomuseum.
Gerrit Rampen was medewerker Technische Dienst. Thijs de Gooijer ploegchef en Siem Kroeze was portier en chauffeur. Siems echtgenote Coba helpt mee in het museum. Siem is de ‘aanstichter’ van dit geheel.
Piet wijst om zich heen naar de vitrinekasten vol oude cacaoblikken, verpakkingen, gereedschappen en reclamemateriaal. Zelfs kapmessen en bijbels. ‘Ja’ zegt Piet ‘die vinden we bij het legen van cacaobonenzakken.’
Siem begon de verzameling in zijn portiersloge. Van iedereen kreeg hij wat. Van collega’s die met pensioen gingen en hun werkkast leeghaalden tot aan mensen die de zolder van hun ouders opruimden.’
In 2004 kwam dit pand vrij en stelde de directie voor hier een echt bezoekerscentrum in te richten. ‘Geweldig hè, die medewerking van Cacao de Zaan’, vertelt Piet enthousiast. ‘Het hele pand is door vrijwilligers opgeknapt. Allemaal mensen van de fabriek. En nog steeds ondersteunt het bedrijf ons. De Technische Dienst fikst dingen die kapot zijn’.
Cacao de Zaan: een zeer sociale werkgever.
‘Dat is echt Cacao de Zaan’, zegt Siem die erbij is komen zitten. Heel sociaal. Je kreeg kolen voor de kachel. Of margarine, aardappelen en hagelslag. En natuurlijk het jaarlijkse uitje. Gingen we met wel 10 touringbussen op pad. ‘En wat dacht je van de vakantiehuisjes in Egmond en Schoorl’ neemt Piet het weer over. ‘Logeerden we in De Korrel of De Zaan. Kijk hier’, wijst Piet en hij trekt een fotomap uit de meterslange archiefkast.
Het archief hebben de heren zelf aangelegd. Er zijn mappen over: jubilea, pensioneringen, verpakkingen, de brandweer, personeelsbladen, de toneelvereniging en nog veel meer.
Piet: ‘Laatst waren hier een Marokkaanse dame en haar dochter. Zij vonden het fantastisch, dat hun man/vader in onze mappen terug te vinden was. Uren hebben ze zitten lezen.
Behalve de verhalen, de spullen en het archief organiseert het museum rondleidingen, vertonen ze films en lenen ze de ‘spreekbeurtkoffer’ uit. En alles gratis hè, merkt Siem op ‘watte wij doene kost niets, tot aan de koffie en chocolademelk toe.’






