1950

Mijn vader en opa werkten bij Bruynzeel, een leuke werkplek met veel collegialiteit.

Het verhaal van Yvonne van Grondelle
Door Ursulien van Berge-Bakkum

Yvonne van Grondelle vertelt over de ervaringen van haar vader en opa in de Bruynzeelfabriek.
“Ik heb in mijn leven drie paar grootouders gehad: van mijn vaderskant, van mijn moederskant en Opa en Oma Visman. Hoe dat gekomen is, wil ik graag vertellen.
Mijn vader werkte bij Bruynzeel. Hij was in de kost op de Grootscheepmakersstraat in Zaandam. Mijn opa Visman vond het een verdrietige situatie, zo’n jongeman ver van huis. Helemaal uit Harlingen en in die tijd was er geen mobiel of telefoon. Hij zat daar maar, alleen op een kamertje. Oma Visman gaf het voorzetje gaf om hem uit te nodigen om een keertje bij hen te komen eten.

Opa Visman, zoals wij hem noemden, werkte ook bij Bruynzeel. Ik heb ontdekt dat hij daar kantoorbediende, bedrijfschef-schaverij, productieleider en calculator geweest is. Het was een bijzondere en lieve man. De Vismannen hadden een zoon en een dochter. De dochter is op dertienjarige leeftijd overleden.
Met de zoon, Joop Visman, is mijn moeder verloofd geweest. Er waren serieuze trouwplannen. Ik weet niet wat Joop voor werk deed, dat is nooit ter sprake gekomen.
Misschien had ze hem ooit ontmoet op woensdag-billenavond. Dan gingen de Zaandamse meiden met hun vriendinnen aan de zwier. Lekker wandelen over de Westzijde en de Gedempte Gracht en natuurlijk naar de jongens kijken. Grappig op zich, maar mijn ouders zijn beiden niet meer in leven. Ze kunnen het dan ook niet zelf navertellen.

Voor mijn moeder en Joop Visman besliste het noodlot anders. Hij had een hartkwaal en is daaraan geopereerd. De operatie werd hem fataal tot groot verdriet van mijn moeder. Na zijn overlijden bleef zij contact houden met zijn ouders: Bregje Visman-Valk en Jonas Visman.
Mijn vader, Johan van Grondelle, werd op een gegeven moment kostganger bij de familie Visman. Mijn moeder leerde hem daar kennen. Van het een kwam het ander. Ze trouwden en mijn moeder zorgde ervoor, dat de ‘Vismannen’ altijd welkom waren. Vanzelfsprekend werden ze onze derde oma en opa. Als kinderen vonden we daar niets geks aan. Door mijn moeders instelling om hen bij ons gezin te betrekken, hadden ze dus toch ons als plaatsvervangende kleinkinderen.

Opa Visman werkte bij Bruynzeel tot zijn pensioen. Mijn vader ging verder in het verzekeringswezen. Hij vertelde nog wel eens over Bruynzeel, maar de details weet ik niet meer. Jammer!
Het was eigenlijk wel leuk om dit nog eens de revue te laten passeren.”

Reacties

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.