2017

Frits ziet ze vliegen

Het verhaal van Frits Schuster
Door Ursulien van Berge-Bakkum

Vanuit mijn raam aan het Guisveld zie ik vaak een Bruine Kiekendief zweven speurend naar zijn prooi in het hoge riet. In het Monetatelier spreek ik Frits Schuster over zijn grote hobby: vogels.

“Het is winter, maar erg zacht buiten. Ik ga regelmatig de wijk in en als het even kan door het Volkspark en verder. Als vogelaar bekijk ik de wereld met andere ogen, er wordt wel gezegd: ‘hij ziet ze vliegen’. Dat is inderdaad het geval, als er ergens in mijn ooghoeken iets beweegt, weet ik bijna zeker dat het een vogel is.

Zo kom ik direct in de wijk waar ik woon, Grote Bonte Spechten, Boomkruipers, IJsvogels, Halsbandparkieten, Staartmezen, Vinken, Roodborstjes, Pimpelmezen en Koolmezen tegen en als ik wat verder richting Volkspark loop, ook Winterkoningen, Merels, Huismussen, Heggenmussen, Spreeuwen, Gaaien, Mandarijn eenden, Putters, Goudhaantjes en als de winter wat strenger wordt, ook Kramsvogels, Koperwieken en Pestvogels tegen, hoog in de lucht vliegen Brandganzen, Rietganzen, Smienten en met wat geluk ook Kraanvogels over.

Naast deze vogels komen er in de stad ook roofvogels zoals Buizerds en Slechtvalken voor en niet te vergeten en te missen de nodige meeuwen soorten voor, zoals: Kokmeeuwen, Zilvermeeuwen, Kleine Mantelmeeuwen. Natuurlijk zie ik de genoemde soorten niet iedere dag omdat de meeste vogels zelf bepalen waar ze heen vliegen en foerageren.

Ik weet zeker dat er nog meer vogels te zien zijn, maar ja, je kan niet alles hebben bij een wandeling door de stad. Ik kan er enorm van genieten en blijf dan ook om de haverklap stilstaan om de vogels te observeren.

Vogelbeschermingswacht ‘Zaanstreek’ zet zich in voor het behoud van de stadsvogels. Dit is echt noodzakelijk omdat de natuurlijke leefomgeving voor vogels door de stedenbouw verdwijnt, net als de heggen en struikgewas.

De werkgroep Stadsvogels zorgt er onder andere voor, door voorlichting en het creëren van nestplekken zodat de stadsvogels zich thuis blijven voelen in de stad.

Voor de Gierzwaluwen zijn er op verschillende plekken op Zaanse daken “Nestpannen” geplaatst en voor de Oeverzwaluwen zijn er kunstmatige oeverwanden aangelegd om te kunnen nestelen, hetzelfde geldt voor de IJsvogels, voor hen wordt hen wordt waar mogelijk, voorzien in nestgelegenheid.

Mijn advies; ga er eens met een andere blik op uit in de stad en/of park en geniet van wat je tegenkomt hoog in de lucht of vlak voor je neus.”

Reacties

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar alle verhalen

Het Zaans Museum maakt op deze website gebruik van cookies.

Wij plaatsen functionele cookies voor de werking en verbetering van deze website. Mogen wij extra cookies plaatsen voor sociale media koppelingen, gepersonaliseerde (video) advertenties en het meten van de effectiviteit van onze online campagne’s? Lees hier meer over in onze privacyverklaring of pas uw privacy instellingen aan

Privacy policy | Liever niet
Settings